Afkorting voor audio/video. Een a/v systeem bestaat uit
componenten voor het weergeven van geluid en beeld. Een a/v versterker of receiver
bevat ingangen en elektronica voor het verwerken van audio en videosignalen. Doorgaans
kunnen er op een versterker/receiver meerdere luidsprekers worden aangesloten
om zo een surroundopstelling te mogelijk te maken.
Bij Dolby Surround wordt gebruik gemaakt van 4 signalen
die middels fase-veranderingen worden versleuteld in een stereo-signaal. Met een
Dolby Surround decoder of receiver worden vervolgens de verschillende signalen
verdeeld over de 5 aangesloten luidsprekers, voor, midden en achter.
Dolby Digital, ook wel AC3 genoemd, werkt, hoewel het in feite een evolutie is
van Dolby Prologic, op een geheel andere wijze. Bij Dolby Digital is er sprake
van zes verschillende onafhankelijke kanalen. Hiervan bestrijken er vijf het gehele
frequentiebereik van 20Herz tot 20KHz. Het zesde kanaal zorgt slechts voor het
doorgeven van lage tonen in het frequentiebereik van 20Herz tot 120Hz, bedoeld
voor het weergeven van diepe bass-effecten. Omdat vijf van de zes kanalen het
gehele frequentiebereik weergeven en het zesde kanaal slechts de lage frequenties,
noemt men dit ook wel een 5.1 systeem.
Alle zes kanalen worden digitaal gecomprimeerd. Vervolgens worden ze door een
Dolby Digital-decoder gedecodeerd en worden de 6 aparte kanalen doormiddel van
meerdere versterkers weergegeven. Omdat er bij Dolby Digital een volledig frequentiebereik
wordt weergegeven op alle kanalen en er een optimale kanaalscheiding is, zijn
de dynamiek en zuiverheid van het geluid en de plaatsing van geluiden vele malen
verbeterd ten opzichte van het Dolby Surround Pro Logic-systeem.
Een actieve luidspreker is een luidspreker met een ingebouwde versterker. Over
het algemeen zal een actieve luidspreker worden aangestuurd door de lijnuitgangen
van een versterker.
De eenheid van electrische stroom.
Gegevens voorstellend in continue vloeiende vorm. Een golf, in welke vorm dan
ook, is een voorbeeld van een analoge eenheid. Tussen twee analoge gegevens is
een oneindig aantal waarden mogelijk.
Het proces dat bestaat uit het comprimeren van breedbeeldweergave die 16:9
of groter is, teneinde dit af te kunnen beelden op een 4:3 beeldscherm. Op een
breedbeeldscherm zal de weergave teruggaan naar het oorspronkelijke formaat.
Dit is de verhouding van de beeldhoogte ten opzichte van de breedte van het
beeld. Bij een normale televisie is dit bijvoorbeeld 4:3, of bij breedbeeld 16:9.
Functie die automatisch de andere zijde van een geluidsband of cassette afspeelt.
De bandrichting wordt hierbij omgedraaid.
Automatische afstemming van de koppen op de band, teneinde een optimaal geluid
en beeld te genereren.
Het automatisch afstemmen op de te ontvangen radio of
televisiestations.
Datacompressiesysteem dat door Sony is ontwikkeld voor gebruik in Minidisc
toepassingen. Hierbij worden niet hoorbare signalen weggelaten. Hierdoor kan bijvoorbeeld
op een Minidisc schijfje 80 minuten stereomuziek worden opgenomen.
Het voorste deel van een luidsprekerbehuizing, waarin de verschiilende luidsprekers
zijn gemonteerd om het geluid tussen de voor en de achterzijde van die luidspekers
te scheiden.
Voorziening op versterker of receiver waarmee de geluidsverhouding tussen twee
kanalen geregeld kan worden om eventuele electrische of acoustische verschillen
tussen links en rechts te corrigeren.
Een verbindingsstekker waarmee luidsprekerkabel op een optimale manier de verbinding
tussen luidsprekers en versterker tot stand brengt.
Een luidsprekerbehuizing met een opening erin waardoor de achterwaartse bewegingen
van de woofer naar buiten kan komen (Bass Reflex Poort). De opening is afgestemd
op de karakteristiek van de woofer en de behuizing. Hierdoor kan een diepere bass
worden gegenereerd dan in een gesloten behuizing van hetzelfde formaat.
Dit is het aansluiten van een luidsprekersysteem op twee versterkers. Een versterker
stuurt het hogetonenbereik aan (treble en midrange) terwijl de andere versterker
het lagetonenbereik aanstuurt.
Het proces van voormagnetisatie voor opname op een magneetband, zoals bijvoorbeeld
een geluidscassette. De voormagnetisering wordt Bias genoemd.
Hierbij worden voor de hoge tonen en de lage tonen luidsprekers aparte kabels
gebruikt.
Bij bipolaire speakers bewegen beide speaker units (drivers) in dezelfde richting.
De bipolaire luidspreker wordt vooral toegepast als achterspeaker in een surroundopstelling
omdat dit een ruimtelijker effect genereert
Breedbeeld. Breedbeeldtelevisies hebben een rechthoekig beeld, dat overeenkomt
met bioscoopverhoudingen (16:9). Het beeld is relatief veel breder waardoor u
bij het bekijken van een speelfilm hetzelfde panorama effect krijgt als in de
bioscoop.
Afkorting voor Compact Disc, het digitale audioformaat dat is geintroduceerd
in 1982. De drager is een schijf met een diameter van 12 centimeter, die aan een
kant informatie bevat. De CD is bedoeld als drager voor audio. Er kan tot 80 minuten
muziek op een CD staan.
Afkorting voor CD-recordable schijfjes. CD-recorders zijn geschikt voor het
eenmalig beschijven van deze cdr's.
De cd-rewritable discs (CD-RW) kunnen meerdere malen gebruikt worden voor opname.
Nadeel van CD-RW disks is dat deze op dit moment door de meeste cd-spelers niet
gelezen kunnen worden.
CD-rom is de afkorting voor compact disc read only memory. Fysiek is
de cd-rom gelijk aan een cd, maar bestemd als dragger voor computerdata, tot een
maximum van 700 Mb.
Een centerspeaker maakt onderdeel uit van een Surroundsysteem, en is bedoeld
voor het weergeven van dialogen. De centerspeaker dient geplaatst te worden tussen
de hoofdluidspreker s onder de tv of projectiescherm.
Ontstaat wanneer een vers terker niet voldoende spanning kan leveren. Hierdoor
ontstaat clipping, het afvlakken van de golfvorm, dat tot sterke en hoorbare vervorming
leidt.
Een afgeschermde en dus asymetrische kabel met een specifieke impedantie waarbij
de binnenste ader van de kabel wordt afgeschermd van mogelijke storingen van buitenaf.
Bij analoge compressie wordt het geluidssignaal in elkaar gedrukt waardoor
het verschil tussen harde en zachte fragmenten minder wordt. Bij digitale compressie
wordt een onhoorbaar gedeelte van de bits verwijderd zodat er meer muziek op een
schijfje past.
Een filter dat ervoor zorgt dat in een meerwegsysteem de geluidssignalen worden
opgedeeld in bepaalde frequentiegebieden die vervolgens worden toegewezen aan
bepaalde units in de luidspreker, zoals woofers, middentoners en tweeters.
Een D/A conv ertor zet digitale informatie (zoals van CD/DVD) om in een analoog
audio of video-signaal.
Voor het vergelijken van de sterkte van geluiden wordt de decibel gebruikt.
Wat is er zo lastig aan de decibel? Als een bepaald vliegtuig 70 decibel lawaai
maakt, dan maken tien van deze vliegtuigen 80 decibel lawaai. Regel: als de geluidssterkte
tien maal zo groot wordt gemaakt dan tellen we er tien decibel bij op. De referentie
is 0 decibel en daarvoor is de arbitraire afspraak gemaakt dat het ligt bij de
gehoorgrens van een doorsnee mens. 10 decibel is dus tien keer zoveel als de gehoorgrens,
20 decibel is honderd keer zoveel als de gehoorgrens. 110 decibel geluid, te horen
vlak bij een optredende popgroep, is dus een miljoen maal honderdduizend keer
zoveel geluid als de gehoorgrens.
De verhouding tussen de uitgangsimpedantie van een versterker en de impedantie
die een luidspreker bij een bepaalde frequentie heeft.
Het Duitse Instituut voor Normering.
Digital Light Processing-projectoren verwerken licht digitaal met gebruikmaking
van de Digital Micromirror Device (DMD) van Texas Instruments. Deze chip bevat
meer dan 500 000 minuscule spiegeltjes welke digitaal (aan-uit) aangestuurd worden
door een individuele ondergelegen geheugencel. Elk spiegeltje stelt dan een pixel
voor. Doordat het licht gereflecteerd word door de spiegeltjes, en niet hoeft
te worden doorgelaten door glazen LCD-panelen, wint dit systeem aan lichtopbrengst.
De gebruiker zal een 30% lichter én een scherper en realistischer beeld te zien
krijgen. Ook het oppervlak 'zwart' tussen de individuele pixels is zeer klein.
Een 'raster' in het beeld is niet waarneembaar. Tevens draagt ook dit bij aan
een hogere lichtopbrengst, scherpte, contrast en kleurverzadiging.
| Dolby A, Dolby B, Dolby C |
Ruisonderdrukkingssysteem van Dolby Laboratories. Dolby A is het professionele
ruisonderdrukkingssyteem van Dolby, Dolby B is hiervan de aangepaste variant voor
consumentengebruik. Dolby C is hier een doorontwikkeling van, een serieschakeling
van twee Dolby B sysemen.
Bij Dolby Surround wordt gebruik gemaakt van 4 signalen die middels fase-veranderingen
worden versleuteld in een stereo-signaal. Middels een Dolby Surroundversterker
of receiver worden vervolgens de verschillende signalen verdeeld naar de 5 aangesloten
luidsprekers, voor midden en achter. Dolby Digital werkt, hoewel het in feite
een evolutie is van Dolby Prologic, op een geheel andere wijze. Bij Dolby Digital
is er sprake van zes verschillende onafhankelijke kanalen. Hiervan bestrijken
er vijf het gehele frequentiebereik van 20Herz tot 20KHz. Het zesde kanaal zorgt
slechts voor het doorgeven van lage tonen in het frequentiebereik van 20Herz tot
120Hz, bedoeld voor het weergeven van diepe bass-effecten. Omdat vijf van de zes
kanalen het gehele frequentiebereik weergeven en het zesde kanaal slechts de lage
frequenties, noemt men dit ook wel 5.1 kanalen.
Alle zes kanalen worden digitaal gecomprimeerd. Vervolgens worden ze door een
Dolby Digital-versterker of receiver weer gedecodeerd en worden de 6 aparte kanalen
weergegeven. Omdat er bij Dolby Digital een volledig frequentiebereik wordt weergegeven
op alle kanalen en er een optimale kanaalscheiding is, zijn de dynamiek en zuiverheid
van het geluid en de plaatsing van geluiden vele malen verbeterd ten opzicht van
het Dolby Surround Pro Logic-systeem.
| Dolby Surround (Prologic) |
In een Dolby Surround (Prologic) systeem is er geen sprake van 2, maar van
5 luidsprekers, te weten een links-voor speaker, een rechts-voor speaker, hier
tussenin een "Center-speaker" voor de dialogen, en vervolgens twee achterspeakers,
een linksachter en een rechtsachter. Het geluid voor de achterspeakers is mono.
Dat betekent dus dat ze allebei hetzelfde geluid weergeven.
De meeste dolby-surroundversterkers en receivers zijn uitgerust met een "phantom"
mode. Voor diegenen die niet of nog niet willen overgaan tot het aanschaffen van
een center-speaker, kan er gebruik worden gemaakt van de phantom-mode. Het geluid
dat bestemd is voor het center-kanaal wordt verdeeld over de links-voor en rechts-voor
speaker.
In de Dolby Laboratoriums heeft men destijds ontdekt dat ze het signaal voor
de surroundspeakers in een normaal stereosignaal konden implementeren door de
fase van de golfvorm van het surround-signaal te veranderen ten opzichte van het
linker en rechter stereo signaal.
Met andere woorden: als een geluidsgolf precies in tegenfase is, gaat het geluid
naar het achterkanaal, en in het andere geval naar de frontspeakers. Op deze wijze
wordt het geluid verdeeld over de voor en achterspeakers.
Voordeel van het systeem is dat je hetzelfde geluidssignaal kunt beluisteren
op elke audio-installatie, of dat nu mono, stereo of surround is. Is de installatie
mono, dan zal al het geluid uit 1 speaker komen, bij stereo uit 2 speakers. Het
verschil in fase is dan onhoorbaar. Bij het luisteren op een surroundinstallatie
wordt het geluid verdeeld over alle speakers, en heeft u dus een "rondom-effect".
Doordat de centerspeaker de dialogen weergeeft, gaat de dialoog niet verloren
in de geluidseffecten van de frontspeakers.
Een driver is een speakerunit, zoals een tweeter, een woofer, en een middentoner.
| DSP Digital Signal Processing |
Bij digital signal processing wordt door microprocessors een audiosignaal in
een digitaal circuit gemanipuleerd, waardoor bepaalde soorten van akoestiek kunnen
worden gesimuleerd en gesuggereerd, zoals de akoestiek van concertgebouwen, kerken,
jazzclubs en dergelijke.
| DTS Digital Theater Systems |
DTS is evenals Dolby Digital AC-3 een 5.1 system, hetgeen inhoudt dat 5 van
de zes kanalen een volledig frequentiebereik heft en het zesde kanaal, het subwooferkanaal
slechts de lage frequenties krijgt toebedeeld.
Omdat bij DTS de data minder gecomprimeerd wordt tijdens het codeerproces,
wordt DTS door bepaalde mensen ervaren als zijnde een betere standaard als de
nadruk ligt op het reproduceren van muziek. Dolby Digital is met name bedoeld
is voor het weergeven van geluiden bij het weergeven van films. DTS wordt meer
gebruikt voor het mixen en reproduceren van muziekregistraties, zoals concerten.
| DVD Digital Versatile Disc |
Een weergavemedium dat min of meer kan worden beschouwd als de opvolger van
de laserdisc. Op een DVD-schijf, dat uiterlijk het formaat heeft van een gewone
CD, kan men ongeveer 8 uur aan bewegende beelden opslaan met een zeer hoge kwaliteit.
Dit is vele malen meer dan mogelijk is op een CD.
Voor wat betreft de kwalititeit van het beeld: deze kwaliteit is vele malen
beter dan van onze huidige video. Doordat het digitaal is, is het beeld uitermate
scherp. Evenals bij videorecorders kan men spoelen met en zonder beeld, en het
beeld stilzetten.
Naast de beeldkwaliteit ligt ook de kwaliteit van het geluid op een veel hoger
niveau. Over het algemeen kunnen de DVD-spelers surround afspelen. Nagenoeg alle
DVD-spelers hebben een ingebouwde decoder, die het geluidssignaal opsplitst in
6 kanalen (Dolby Digital). Door de DVD-speler vervolgens aan te sluiten op een
Dolby Digital versterker of receiver kunt u luisteren in Dolby Digital. Sluit
men een versterker aan die nog werkt met Dolby Prologic, dan zal men het geluid
ook als Surround ervaren, maar de kwaliteit in ondermeer kanaalscheiding is vele
malen minder dan met Dolby Digital.
De hoeveelheid verkrijgbare DVD's is voornamelijk in
de Verenigde Staten veel groter dan in Nederland. Daarbij is het zo dat in de
VS films vaak al verkrijgbaar zijn op DVD, voordat ze hier al in de bioscoop te
zien zijn. Mocht u ertoe willen overgaan om daarom DVD's in het buitenland
aan te schaffen, dan is het van belang te weten dat er verschillende regiocodes
bestaan. Er is een verdeling gemaakt, waarbij de wereld in 6 regio's is verdeeld.
Zo worden bijvoorbeeld in Nederland (Europa) DVD's verkocht met regiocode
2. In de Verenigde Staten hanteert men regiocode 1. Dit heeft tot gevolg dat men
DVD's, die men koopt of laat oversturen uit de VS, niet kan afspelen op zijn
of haar eigen DVD-speler. Er zijn mogelijkheden om uw DVD-speler aan te laten
passen en tegenwoordig zijn er zelfs her en der "regiovrije" DVD-spelers
te vinden.
De laatste ontwikkeling in binnen het VHS-videosysteem, met digitaal beeld
en geluid en langere speeltijd.
|